Dit hoofdstuk bevat wat meer theorie. Belangrijk om goed door te nemen als basis, wetende dat het hoofdstuk wat hierop volgt je meeneemt in de ervaring.

Aan de achterzijde van je lichaam, net boven je stuitje en tussen je bekkenhelften, ligt het sacrum. Net daarboven zie je bij veel vrouwen twee zachte kuiltjes in de onderrug: de Venuskuiltjes. Deze markeren de overgang tussen onderrug en bekken en helpen je oriënteren waar het sacrum begint.

Onder deze kuiltjes ligt het sacrum zelf. Wanneer je je hand op dit gebied legt, rust je direct op een structuur die diep verbonden is met:

  • je bekken
  • je wervelkolom
  • je zenuwstelsel

Oriëntatie in dit gebied brengt direct meer helderheid in je aanraking en in je waarneming.


Het centrum

Het sacrum, ook wel het heiligbeen genoemd, vormt het centrum van je bekken en de basis van je wervelkolom.
Het is het driehoekige bot dat als een soort sluitsteen tussen je bekkenhelften ligt en letterlijk het gewicht van je bovenlichaam draagt.

Dit gebied is niet alleen anatomisch van betekenis, maar ook voelbaar als een plek waar draagkracht, veiligheid en levensenergie samenkomen.

Wanneer je met aandacht aanwezig bent in dit gebied, verandert er iets in hoe je jezelf ervaart.
Je zakt, je vertraagt. Je lichaam begint zichzelf te dragen in plaats van vast te houden.


Anatomie: meer dan een bot

Het sacrum bestaat uit meerdere samengegroeide wervels en vormt een stevige, dragende structuur.
Aan de achterzijde bevinden zich kleine openingen: de foramina sacralia. Door deze openingen lopen zenuwen die verbonden zijn met:

  • de bekkenorganen
  • de bekkenbodem
  • blaas en darmen
  • seksuele en reproductieve functies

Dit maakt het sacrum tot een gebied waar structuur en zenuwstelsel elkaar direct ontmoeten. Via fasciale verbindingen staat het sacrum bovendien in contact met:

  • de bekkenbodem
  • de psoas
  • de buikorganen
  • de onderrug

Je werkt hier dus nooit op één plek, maar altijd in een samenhangend systeem.


Het staartbotje en de coccyx: richting en basis

Het stuitje vormt het onderste deel van de wervelkolom en staat in verbinding met de bekkenbodem en ligamenten. Dit gebied speelt een rol in hoe het lichaam zich oriënteert op veiligheid en richting.

Het werken op dit gebied vraagt verfijning en wordt in een verdiepende masterclass verder uitgewerkt. Belangrijk is dat je voldoende ervaring hebt opgedaan met het werken met het bekken en vanuit belichaamde aanwezigheid de ander kunt begeleiden. Je kunt je hier t.z.t. voor opgeven mocht dit jouw interesse hebben.


Het sacrum en het zenuwstelsel

Het sacrum is nauw verbonden met het parasympathische zenuwstelsel, het deel van je systeem dat zorgt voor rust, herstel en regulatie. Veel spanning in het bekkengebied hangt samen met een lichaam dat langere tijd in activatie is geweest. Dat kan zich uiten als:

  • een onderrug die gespannen of vast voelt
  • een bekken dat moeilijk zakt
  • een adem die hoog blijft
  • moeite met overgave of voelen

Wanneer dit gebied veiligheid, steun en aanwezigheid ervaart, verschuiven van spanning naar ontspanning. Je merkt dan het volgende:

  • de adem verdiept
  • spanning laat los
  • schakelen van “doen” naar “zijn”
  • het bekken wordt zwaarder
  • de onderrug verzacht

Wat je ook kunt merken is het volgende:

  • Soms ontstaat er ontlading.
  • en zucht.
  • en trilling.
  • en emotionele beweging.

Dit zijn geen effecten die je veroorzaakt. Dit zijn reacties die ontstaan wanneer het lichaam zich veilig voelt.


Ervaren in je eigen lichaam

Breng nu je aandacht naar je onderrug. Leg eventueel één hand op je sacrum en één hand op je onderbuik. Voel:

  • hoe je adem beweegt
  • of er spanning aanwezig is
  • of er verschil is tussen voor- en achterkant

Blijf hier een paar ademhalingen.

Misschien merk je dat je bekken iets zwaarder wordt.
Misschien blijft het nog stil.

Alles wat je waarneemt, is waardevolle informatie.